Zorgstructuur (voortgezet) speciaal onderwijs
Al sinds het eind van de 18e eeuw bestaat er speciaal en voortgezet speciaal onderwijs: (V)SO.
Het (V)SO is georganiseerd in een 4-tal clusters.
Cluster 1 voor leerlingen met een visuele handicap.
Cluster 2 voor leerlingen met een communicatieve of auditieve handicap
Cluster 3 voor leerlingen met een fysieke en/of verstandelijke handicap en langdurig zieke leerlingen met een somatische beperking.
Cluster 4 voor leerlingen met ernstige gedragsproblemen in scholen voor zeer moeilijk opvoedbare kinderen, scholen verbonden aan pedologische instituten en scholen voor kinderen met psychiatrische problematiek.
Inrichting en doelstelling
(Voortgezet) speciaal onderwijs vindt plaats in verschillende groeperingsvormen. De meest voorkomende is klassikale groepen en de individuele aanpak (vormen van therapie). Dit is nadrukkelijk afhankelijk van de onderwijsbehoeften / hulpvragen. Naast speciaal opgeleide leerkrachten werken op (V)SO scholen tal van andere deskundigen zoals orthopedagoog, speltherapeut, maatschappelijk werker en een onderwijsassistent. Naast een einddiploma gerichte aanpak kan ook voorbereiding op een plek op de arbeidsmarkt een hoofddoel zijn.
De rol van het REC
De scholen voor Cluster 4 leerlingen zijn georganiseerd in 14 regionale expertise centra (REC). Een REC dient een Commissie voor de Indicatiestelling (CvI) in stand te houden. De CvI gaat over de plaatsing en de clusterindicatiestelling. De CvI geeft een beschikking op aanvraag van de ouders.
Een positieve beschikking is nodig voor:
- toelating op het (V)SO (zonder de beschikking mag een (V)SO school een
leerling niet toelaten)
- het aanvragen van een Rugzak in het regulier onderwijs.
|